Foto auteur

Foto auteur
Foto Maarten Marchau, provinciebestuur Oost-Vlaanderen

zondag 3 juli 2016

Risk (17)

Wat voorafging: het gaat slecht met het reclamebureau Risk. Freek verwacht alle heil van teambuildingsdagen aan de kust. 

Robert trok de wenkbrauwen op. Was Freek zelfs de oorsprong van hun naam vergeten? Die man was hopeloos! Alsof zijn voorstel iets zou oplossen. ‘Zinloos,’ zei Robert kortaf. ‘Dat wordt een praatbarak. Gebakken lucht. Pure geldverspilling.'

‘O jee,’ zei Karin, ‘ik weet niet of mijn vriend dit wel zo leuk zal vinden. Dan moet hij zelf voor zijn kostje zorgen. En hij kan niet eens fatsoenlijk een ei bakken.’

‘Het werk gaat voor,’ zei Freek beslist. Een aangekoekte eierpan zou hem niet van zijn voornemen afhouden. ‘Het werk voor alles! Dat is altijd mijn devies geweest. Ook toen ik nog als content manager voor de commerciële televisie werkte. Ze noemden mij wel eens het brein. Le Cerveau.’ Hij hield zijn hoofd wat schuin, zoals in de beroemde film. Het viel maar te hopen dat zijn hersenen niet compleet wegsijpelden.

Hierna ontstak hij een sigaret. Zolang Freek de lakens uitdeelde op kantoor hoefden ze niet te vrezen voor een rookverbod.

‘Bovendien zie ik het ook als teambuildingsdagen. En jij, Karin, bent mijn Maria Magdalena. En Noël is mijn Petrus, de rots waarop ik mijn Kerk bouw.’

Iedereen keek nu naar Robert Impens. Het werd stil. Een stilte kon helend werken maar deze stilte werkte als een pas geslepen vleesmes. Daarop vroeg Noël of er nog iemand koffie verlangde. En misschien een wafeltje?

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!

zondag 26 juni 2016

Risk (16)

Wat voorafging: tijd voor een werkvergadering bij het reclamebureau Risk. De zakencijfers vallen echter tegen. 

Freek leunde achterover op zijn stoel en pulkte aan zijn oorring. Het was geen bijzondere oorring, wel een opvallende. Het was een statement, maar Robert wist niet meer van wat of hoe. Misschien dat Freek het intussen ook niet meer wist, dat hij ervan uitging dat hij zijn statement wel had geplaatst.

‘Wil er nog iemand koffie?’ vroeg Noël. ‘Er is voldoende,’ drong hij aan. Op het benepen tafeltje in het vroegere rommelhok stond een enorme thermos koffie, zoals gebruikelijk bij elke werkvergadering. Koffie van de wereldwinkel, Risk was best wel politiek correct.

‘Ik heb dit weekend onze zakencijfers bekeken,’ zei Freek. ‘Zo schitterend zijn die niet.’ Dat waren ze al een hele tijd niet, maar tot nu toe had niemand dat erg gevonden, of toch niet erg genoeg om erover te vergaderen. ‘Helemaal niet schitterend!’

Ofschoon niemand om koffie had gevraagd, schonk Noël iedereen nog een kop in. Kennelijk ging hij ervan uit dat er zo dadelijk nood zou zijn aan een bakje troost. Veel troost, want de kopjes waren tot de rand gevuld, zodat ze allen koffie morsten op de tafel.

‘Wat wil je eraan doen?’ vroeg Karin. Het leek haar zo te horen ondenkbaar dat iemand anders met een oplossing zou komen aandraven, die aanvaardbaar was voor Freek.

‘Deze situatie kan ook een opportuniteit zijn,’ zei Freek. ‘Ik stel een residentiële workshop voor. Een drietal dagen het kantoor sluiten en samen onderduiken aan de kust. Brainstormen! Innovatieve ideeën laten opborrelen en met elkaar confronteren tot we een big bang van creativiteit bereiken. Tot grote vreugde van onze stakeholders. Onze naam indachtig, denken we maar aan het gezelschapsspel, zullen we de reclamewereld heroveren. We win!’

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!

zondag 19 juni 2016

Risk (15)

Wat voorafging: Robert was ooit een beloftevolle reclameman. Meer dan zijn compagnon Freek was hij verantwoordelijk voor het succes van het reclamebureau Risk. Maar dat leek intussen allemaal ver weg.

Er was een tijd waarin er wel naar Robert Impens werd geluisterd, waarin zijn naam een passe-partout was die deuren opende. Hij gold als een ongeslepen diamant toen, veel meer dan Freek had hij de Belga Queen-campagne geïnspireerd. Maar ergens tussen de stoverij en de vol-au-vent was hij de weg verloren. Robert was een anachronisme geworden, zoals een digitale camera, een machinegeweer of een sjaal van Sporting Anderlecht of Ajax in een ridderfilm.

Mogelijk was het anders geweest met kinderen. Kinderen hielden je jong, zei men wel eens. Maar zij hadden geen kinderen, al hadden ze heus wel geprobeerd. Lag het aan hem? Robert had het nooit met wetenschappelijke zekerheid willen weten. Al had hij erg sterke vermoedens, en Yvonne nog meer. 

Robert wilde echter niet leven met zijn onvolmaaktheid. De spiegel was reeds onverbiddelijk genoeg. Geen kinderen dus en op een dag had Robert Impens ook geen vrouw meer. Alsof het leven een kansspel was, waar je alles won of met lege handen achterbleef.

Het was niet uitgesloten, dacht hij wel eens, dat hij Yvonne had kunnen paaien met een poes. Poezen kon je weliswaar niet vergelijken met een kind. Toch konden ze zeer aanhankelijk zijn, en als ze krols waren, leek hun gemiauw zelfs op het huilen van een baby. 

Een hond kon vanzelfsprekend ook. Een schoothond – een chihuahua, een dwergpoedel of een pekinees - maar dat was zo’n cliché voor een kinderloos echtpaar, en clichés hielden niet lang stand aan de koffietafel. 

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!

zondag 12 juni 2016

Risk (14)

Wat voorafging: het reclamebureau Risk had hoge ogen gegooid met een campagne voor de stad Oostende. Die campagne was zelfs bekroond. Maar Robert was de award niet in ontvangst gaan nemen op die feestelijke avond.

Robert en Yvonne hadden die avond zoals elke donderdag vol-au-vent gegeten, die Yvonne zelf had bereid met hoevekip, gehaktballetjes, champignons en veel saus. Het was één van haar specialiteiten, net als Vlaamse stoverij. Ze hadden een glaasje tafelbier gedronken en daarna samen naar ‘Thuis’ gekeken, ook dan al een vaste waarde op de openbare omroep en voor Robert zijn dagelijkse portie guilty pleasure.

Freek daarentegen bleef vasthaken aan de periode dat hij de commerciële televisie in Vlaanderen had opgestart. ‘Ik was de allereerste netmanager, Rob. Er ging niets op antenne zonder mijn zegen. Werkelijk niets! Had men toen meer naar mij geluisterd, het medialandschap en de reclamewereld hadden er helemaal anders uitgezien.’ 

Hij greep Roberts arm vast. Robert hield er niet van, noch van Freeks handtastelijkheden noch van zijn voorspelbare tirade. ‘Af en toe voelde ik mij als de paus, Rob. Er werd geen programma uitgezonden zonder mijn zegen.’

Robert knikte flets. Hij hoopte dat Freek hem niet zou zegenen. Zoveel schijnheiligheid had hij niet overleefd. Dat klonk pathetisch, maar hij herinnerde zich uit de beginperiode van het bewuste commerciële televisiestation vooral inhoudsloze actiefilms en pornoprogramma’s. 

Hij vroeg zich af waarom hij de moed ontbeerde om op te merken dat hij liever naar Canvas keek, en soms naar Nederland drie of Arte. 

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!

zondag 5 juni 2016

Risk (13)

Wat voorafging: het reclamebureau Risk gooide destijds hoge ogen met een reclamecampagne voor de stad Oostende. Het was het begin van een drukke en gevarieerde periode voor het bureau van Freek en Robert.

Sindsdien had het bureau de meest diverse campagnes ontworpen, voor afwasmiddel, ijsjes, calorie-arme snoepjes van chocolade, diepvriesgroenten en bijna vanzelfsprekend voor waspoeder. 

Ze hadden zelfs enkele jaren geleden de campagne uitgewerkt voor een politieke partij, maar dat was geen onverdeeld succes gebleken. Enkele tienduizenden kiezers minder, door een samenloop van omstandigheden leidde dit toch nog tot een beperkte winst aan zetels.

‘Politieke marketing is een metier,’ zei Freek bij herhaling. ‘Dat zouden ze aan de universiteit moeten doceren.’
Dat gebeurde ook, aan verschillende universiteiten zelfs, maar hij bedoelde dat ze dit beter konden overlaten aan iemand uit de praktijk, iemand zoals hij, of preciezer nog, gewoon aan hem.

Freek had niet zo’n hoge pet op van academici. Dat had volgens hem niets te maken met zijn eigen achtergrond, op zijn curriculum prijkte één of ander schimmig bachelorschap. ‘Dit vak leer je op de werkvloer,’ was zijn devies. Al doende leert men. Zijn levensfilosofie woog nauwelijks zwaarder dan de reclameslogans die hij op de samenleving losliet.

In feite teerde het bureau nog steeds op de geslaagde campagne voor de voormalige Koningin der Badsteden. Samen met Freek was Robert de enige die er in die pioniersperiode al bij was. Hij was de award niet mee gaan ophalen, die glamouravonden lagen hem niet zo.

‘Doe maar gewoon, dat is al gek genoeg,’ was zijn devies in die tijd. Yvonne gaf hem toen meestal nog gelijk. Het was niet altijd duidelijk of dat een bewijs van haar liefde was, maar gemakshalve nam Robert aan van wel. Als je nog van de liefde wou genieten, mocht je ze niet herleiden tot een wetenschap. Pas later was Yvonne op haar beurt gek beginnen te doen, het leven was een mallemolen en Robert had een rondje gemist.

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!

zondag 29 mei 2016

Risk (12)

Wat voorafging: het reclamebureau Risk heeft al een bewogen geschiedenis achter de rug. Maar nu wordt het tijd voor een meer eigentijdse kantoorruimte.

Het mocht geen verbazing wekken dat Freek hoopte om over afzienbare tijd naar een vernieuwde kantoorruimte in het Gentse Internationaal Congrescentrum te verhuizen. Hij onderhandelde alsof zijn leven ervan afhing, maar voorlopig viel de gevraagde huurprijs te hoog uit. 

Voor zichzelf had hij alvast een optie genomen op een kantoor met twee dubbele ramen, vier hoog. Je zag er alle torens van Gent, de Sint-Baafskathedraal, het belfort, de Sint-Niklaaskerk en de Boekentoren van architect Henry Van de Velde. Zelfs als je niks te vertellen had, vooral dan, kon je de bezoekers nog altijd imponeren met de skyline van de stad.

Een paar kasten uit het rommelhok waren naar de gang verhuisd. Alleen de bezemkast en een volgestouwde vitrinekast waren achtergebleven, zodat het verleden toch nog tastbaar bleef. Zelfs voor een trendy reclamebureau was het verleden niet betekenisloos.

In de vitrinekast zaten alle documenten van de geslaagde campagne waarmee Risk het imago van Oostende, de toenmalige Koningin der Badsteden, nieuw leven had ingeblazen. Die campagne had de naam van het kantoor gevestigd, het was hun visitekaartje. 

Wie Belga queen zei, dacht aan Risk en vice versa. Het had hen zelfs een award opgeleverd, een verguld beeldje dat nu op Freeks bureau prijkte en waarvan hij persoonlijk wekelijks het stof afborstelde. Het beeldje was niet zo fraai als een Oscar, maar de schoonmaakster die het durfde te betasten, had haar ontslagbrief getekend.  

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!

zondag 22 mei 2016

Risk (11)

Wat voorafging: het ging reclamebureau Risk vroeger voor de wind. Later was er verval ingetreden en waren ook de menselijke verhoudingen verziekt.

Pas later was het echt beginnen mislopen. Succes vermolmt, zoals een houten steunbalk na verloop van tijd kan vermolmen. Ze waren meer gaan vergaderen, altijd al een slecht voorteken.

Hun vergaderzaaltje had veel weg van een rommelhok. Dat was geen toeval, het was ook lang het rommelhok geweest, misschien had het dat moeten blijven. Waar mensen waren, ontstond rommel. Het was een onweerlegbaar bewijs van menselijke aanwezigheid.

Op een dag had Freek ingezien dat een flashy reclame- en communicatiebureau zoals Risk niet zonder een vaste vrouw verder kon. Hoe hij tot dat inzicht was gekomen, had hij nooit verklapt, maar het feit dat Karin tamelijk jong, blond en knap was, had zeker geholpen.

Ze hadden met vereende krachten hun bescheiden eet- en vergaderzaaltje omgebouwd tot een kantoorruimte. Nadien hadden ze het rommelhok onder handen genomen.

De grootste rommel had Noël met zijn bestelwagentje naar het containerpark gebracht, drie ritten heen en terug. Hij beweerde dat hij evenveel discussies met de parkwachter had moeten voeren, omdat ze het zootje ongesorteerd in zakken hadden gestouwd. Maar bij elke terugkeer verspreidde hij een steeds nadrukkelijker bierluchtje.

Het voormalige rommelhok had geen ramen en er hing bijna altijd een bedompte sfeer, als in een overvolle lijnbus op een regenachtige dag. Niet dat de andere lokalen er zoveel beter aan toe waren. Die keken uit op een sombere straat, waarin alleen een bar die pas in de vooravond opende tot de verbeelding sprak, zij het onvoldoende om hen tot een bezoek te verleiden.

Benieuwd naar het vervolg? Volg deze blog via mail (Submit: zie rechts bovenaan) en je ontvangt alle bijwerkingen vanzelf in je mailbox!