Foto auteur

Foto auteur
Foto Maarten Marchau, provinciebestuur Oost-Vlaanderen

woensdag 15 juli 2015

De roos en de lavendel (20)

Wat voorafging: Rose Arnaud leer Maarten pas echt zoenen aan de oevers van de Sorgue. Maar zelfs in de Provence zijn er gluurders...

Rose zoende met een overgave die niet betaamde voor een onvolwassen meisje. Ook zij vermoedde niet dat Célia Grenier alles met een verrekijker volgde vanuit de kleine refter van haar familiehotel. Célia was beddenlakens aan het verstellen. Maar de laatste jaren was ze gaan beseffen dat dat een veredelde bezigheidstherapie was, want de verstelde lakens hielden het minder lang dan de tijd die nodig was om ze op te lappen. 

Op het moment dat ze de wakker geschrokken eenden hoorde kwaken, had ze haar verstelwerk gelaten en de verrekijker uit de kast genomen. Het was geen kijker die ooit had toebehoord aan een roemruchte boekanier en zelfs geen hypermodern ding. Nee, het was een duidelijk gebruikte kijker, gedemodeerd en onhandig zwaar, die ze onlangs voor een prikje op de vlooienmarkt hadden gekocht. Célia had nooit durven hopen dat hij zo snel dienst zou doen.

Toen het bleef duren, was Célia naar de hotelbalie gesloft. Het zicht van Ghislaine was niet schitterend meer, maar met de kijker zag ze meer dan genoeg.
'Als vader François dit te weten komt,' zei ze. Ze vroeg zich af waar de kleine Arnaud het aan verdiend had. Eerst de Heilige Maagd, daarna haar zoveelste man. Sommigen waren wel erg uitverkoren.
Célia knikte met een heksachtig lachje.
De bejaarde zussen bleven de geliefden in het oog houden, totdat Rose plots uit het gras opsprong.

Daarop leidde ze Maarten mee naar de woonwagen van Napoleon Maillane. Ze kwam er geregeld. De barak van de kermisklant stond altijd langs de Sorgue geparkeerd en was nooit op slot. Erg veel viel er niet te rapen, behalve wat nagemaakte zigeunerromantiek: kraaltjes, opvallende ringen met steentjes van geslepen glas, armbanden, hoeden en lederen gordels met gespen. 

Rose overgoot er zich met kruikjes lavendelparfum en hing kralen rond haar hals. Ze begon te dansen, niet als een pubermeisje dat een pilletje te veel heeft geslikt maar met de gratie van een volleerde buikdanseres die beseft wat mannen verlangen. Ademloos volgde Maarten haar bewegingen en hoopte dat dit geen droom was waaruit hij straks zou ontwaken.

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag!

woensdag 8 juli 2015

De roos en de lavendel (19)

Wat voorafging: Maarten Dekeyser weet een afspraakje te versieren met de bloedmooie Rose Arnaud, één van de zieners van de Provence.

Aan het postkantoor in de avenue des Quatres Evangélistes begroette hij haar aarzelend. Ze keken elkaar aan, wilden beiden wat zeggen, maar de woorden stokten hen in de keel. Dus begon Maarten haar maar te zoenen met een geveinsde vanzelfsprekendheid die veel ervaring moest suggereren. Het leek hem geen meisje voor enerverende discussies over politiek en wereldproblemen, hoe belangrijk ook, en ze had nu eenmaal zulke fraaie lippen. L'Isle-sur-la-Sorgue was werkelijk het paradijs. Hij vroeg zich af of zijn collega daar destijds in vergelijkbare omstandigheden was achter gekomen.

Rose liet hem alvast begaan. Ze had al voldoende mannenkennis vergaard om te weten dat de meeste mannen na een stoer begin vanzelf afkoelden. Hij was trouwens snel buiten adem, want hij deed weinig aan sport. Soms rende hij met een hond. Het waren altijd andere honden. Herders, buldogs, dobbermannen, een enkele keer een pitbull. Ze renden echt hard. De hond liep altijd achterop en het duurde tot zijn baasje hem terugriep.


Na verloop van tijd nam Rose hem bij de hand en leidde hem rustig glimlachend mee langs de Impasse du Vieux Logis naar een pittoresk plekje nabij de Sorgue. Daar hadden de vrouwen van de eerste toeristen lang geleden poedelnaakt in het gras ontbeten. Nu waren de dromerige meerkoeten en eenden ogenschijnlijk de enige getuigen. 

Rose voelde dat Maarten, hoe dan ook, iets bijzonders had en ze lachte naar hem. Het was niet haar gewone lach die ze reserveerde voor opdringerige mannen. Nee, ze lachte spontaner, eerlijker en openhartiger. Hij boezemde haar vertrouwen in, maar toch vertelde ze niets over de verschijning die ze had gezien. Langzaam begon ze hem te strelen en ook te zoenen. Later dacht hij vaak dat hij pas echt had leren kussen aan de oevers van de Sorgue. 

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag!

woensdag 1 juli 2015

De roos en de lavendel (18)

Wat voorafging: in de kerk van L'Isle-sur-la-Sorgue ontmoet Maarten, een Vlaamse toerist, de beeldschone Rose.

Toen Maarten vlak achter Rose Arnaud in de kerk zat, was hij meteen verloren. Hij kon dronken worden van een geur. Bij het verlaten van de barokke kerk haastte hij zich naar het meisje met een dweepzucht die in vroeger tijden was voorbehouden voor prinsessen en tegenwoordig voor sterretjes uit suffe soaps waarmee televisiestations vermoeide mensen aan zich proberen te binden. 

Zo opgewonden was hij dat hij bijna één van de bedelaars omverliep. Het was de oude Mario Mottet, die blind was geworden na een afschuwelijk fietsongeval, maar gelukkig gaandeweg zijn andere zintuigen beter had kunnen ontwikkelen. Onmiddellijk viel hem die vreemde geur op die Maarten zelf met zich meedroeg. Hij wist dat hij die geur gedeeltelijk herkende, maar kon hem jammer genoeg niet thuisbrengen. Hoezeer hij zich ook het gamma van geuren dat hij in de loop der jaren in zijn geheugen had opgeslagen voor de geest poogde te halen.

Dadelijk klampte Maarten Dekeyser Rose aan. Het bloedmooie meisje was nauwelijks verwonderd want ze was het niettegenstaande haar jonge leeftijd gewoon dat mannen haar betastten. Soms streelden ze vrijmoedig haar wangen, haar armen of haar benen; een enkeling klopte op haar billen alsof ze zijn lievelingsrund was. Als haar moeder in de buurt was, mepte ze voortdurend naar de begerige mannenhanden. 'Niet aanraken!' schreeuwde ze de hele tijd. Dan voelde Rose zich pas echt een object uit een stoffig museum.

Maarten wist niet direct wat gezegd. Beïnvloed door teveel kleffe romannetjes en zijn hunkering naar de ware liefde, wou hij best een koene musketier spelen of een Arabische sjeik die het meisje kon meenemen naar een paleis van 1001 smaragden. Maar het meest bijzondere aan hem waren de familieverhalen die hij als een molensteen rond zijn hals met zich meedroeg.

'Ik kom uit het Noorden,' zei hij dan maar. Het was een hulpeloze openingszin. Rose knikte, wat moest ze ook? Hij was het niet meer gewoon om afspraken te maken met meisjes. Meestal ontmoette hij meisjes gewoon in de kroeg, bij het vallen van de avond als de tongen loskwamen en de lippen hongerig werden. Hij stelde Rose voor om samen te komen in de late namiddag aan het postkantoor. Zijn knieën trilden. Zij keek hem aan. Hij dacht: zij heeft mij nu al betoverd. Ik smelt voor haar.

Toen dacht hij niets meer, wachtte op haar 'nee', die onvermijdelijk leek. Maar ze zei 'ja, waarom ook niet?' En hij had het moeilijk om haar al niet meteen op het kerkplein vurig te omhelzen.

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag!

woensdag 24 juni 2015

Gelukkige slaven?!

Foto bib Brakel
Een tweetal jaren geleden was de Vlaamse succesauteur Tom Lanoye (°1958)  te gast in de Brakelse bibliotheek. Hij had er net een geslaagde tournee op zitten waarin hij 'Sprakeloos', de roman over zijn moeder, op de planken had gebracht. 

Stiekem hoopte ik dat hij dat in Brakel nog eens zou overdoen, maar Lanoye verkoos zijn lezing op te hangen aan zijn oorlogsgedichten en zijn oudere roman 'Het derde huwelijk'. Hij deed dat evenwel met zoveel verve dat ik de dagen nadien naar het boek teruggreep en het in feite met meer plezier dan ooit heb herlezen.

Tom Lanoye is dan ook een zeer veelzijdig auteur. Hij is romancier, dichter, scenarist en theaterauteur. Zijn (voorlopig) laatste roman 'Gelukkige slaven' behandelt in zijn eigen stijl de internationale bankencrisis. Hoofdfiguren in de roman zijn Tony Hanssen en Tony Hanssen. Twee Belgische bannelingen, een loser en een nerd. De één is in Zuid-Amerika verzeild, de andere in Zuid-Afrika. Uiteindelijk zullen ze elkaar na de nodige omzwervingen en avonturen ontmoeten in Azië. Zelfs in een geglobaliseerde wereld ontkomt men moeilijk zijn noodlot.

'Gelukkige slaven' is een Lanoye pur sang. Een tragikomedie met spectaculaire, soms hilarische momenten en op zijn minst opvallende personages. Geserveerd met de soepelheid van de rasverteller, vlot en meeslepend, en dat alles in een beeldende taal.

Liefhebbers van Tom Lanoye zullen dus van het boek genieten. Maar ook wie over de bankencrisis een luchtiger, zij het daarom niet minder beklijvend relaas wil lezen dan het zoveelste essay, zal aan zijn trekken komen. Lanoye deed trouwens veel research voor de roman en inspireerde zich onder meer op het werk van Joris Luyendijk, een bevoorrechte getuige van het leven in de Londense City.

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag! 

woensdag 17 juni 2015

De roos en de lavendel (17)

Wat voorafging: Maarten woont met de zussen Grenier de mis bij in L'Isle-sur-la-Sorgue. Hij ontmoet er voor het eerst de bloedmooie Rose en aanhoort le père Jacob.

De priester bekloeg zich dat hij reeds jaren alleen instond voor de parochies van L'Isle-sur-la-Sorgue en Fontaine-de-Vaucluse. Hulp viel er niet direct te verwachten. Want ook in Zuid-Frankrijk was het triestig gesteld met de roepingen. Amper drie priesters mocht de bisschop dat jaar wijden in Avignon, nochtans ooit het andere Rome genoemd.

Nog steeds werd naar de periode van het schisma verwezen door het versterkte pausenpaleis, nabij de legendarische brug over de Rhône waar er volgens het lied kommerloos werd gedanst en geschranst, on y danse, on y danse tout en rond. Het volgende jaar viel er zelfs helemaal geen wijding toe te juichen. Het priesterambt was dan ook een hele opgave. Zelfs Jean-Paul Belmondo vroeg zich ooit af hoe priesters 's avonds de slaap nog konden vinden.

'Ook ik heb getwijfeld,' bekende le père Jacob met een deemoed, die men eerder in een praatprogramma op televisie zou verwachten. 'Ik heb zieken zien sterven en mooie vrouwen zien langskomen. Ik heb kerken doen vollopen, ik heb kerken doen leeglopen. Ik heb succes gekend, ik heb ellende gekend. Maar priesters hebben meestal maar één wens: je veux de l'amour.'

Intussen begluurde Maarten Rose, daarbij de grenzen van het goed fatsoen overschrijdend. Weliswaar had ze bijna onmiddellijk de handen gedeeltelijk voor het gelaat geslagen. Hoe graag had hij nog in de kerk zelf haar iets liefs toegefluisterd. Iets dat hij niet letterlijk meende, dat niemand echt meende, maar dat je zei omdat je het in romantische boeken las en aannam dat een meisje zoals Rose dat wilde horen.

Maar er was bovenal die lavendelgeur die ze langs al haar poriën leek uit te zweten en die gecombineerd met de wierook zorgde voor een bedwelmend parfum. De lavendelgeur van Rose Arnaud zou hij zich blijvend herinneren.

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag!

woensdag 10 juni 2015

De roos en de lavendel (16)

Wat voorafging: Maarten vergezelt de zussen Grenier naar de kerk in L'Isle-sur-la-Sorgue. Zullen de jongeren die Onze-Lieve-Vrouw hebben gezien wel opdagen?

Op het moment dat de mis begon, waren de zieners nog afwezig en Ghislaine had al ontgoocheld in Maartens oor geblazen dat ze hen zouden mislopen. Ze zei het zo luid dat nagenoeg de helft van de aanwezigen in de kerk het moest gehoord hebben. Amper vijf minuten later stapten ze toch de kerk binnen en installeerden zich op de lege stoelen vlak voor Maarten en de zussen Grenier.

De hoogst merkwaardige kinderen Arnaud zagen eruit zoals de krant ze beschreven had. In het midden zat Bernard, bijna 30. Hij had het gezicht van een veertigjarige op de romp van een vijftienjarige, en zou in vroeger tijden beslist als attractie hebben gefigureerd in een kermistent of rariteitenkabinet. Zijn gebit was vergeeld en hopeloos geschonden, terwijl hij nooit had gerookt en nooit met iemand op de vuist was gegaan. 

Dat zou zinloos en roekeloos geweest zijn, want zijn bierbuikje en zijn aandoenlijke varkenspootjes hinderden hem danig in zijn bewegingen. Zodra hij aangekomen was, begon hij mee te bidden, te zingen en te gesticuleren. Dat deed hij met zoveel geestdrift dat hij soms le Père Jacob overstemde. Hij leek een gokker op het moment dat de paarden de laatste rechte lijn ingaan.

Aan zijn rechterhand zat Marie die hoewel ze de volwassen leeftijd had bereikt, nog steeds het buitengewoon onderwijs volgde in Avignon, waar ook Bernard had schoolgelopen. Zij zat de hele tijd te snotteren en te huilen alsof de nagels van de gekruisigde Jezus zonder ophouden in haar handen werden geklopt. De tranen liepen in beekjes van haar gelaat en na enige tijd vormde zich onder haar kerkstoel een langzaam uitdeinende plas.

Links ten slotte zat Rose, veruit de jongste van de drie. Even maar kreeg Maarten haar gezicht volledig te zien, net lang genoeg om vast te stellen dat haar schoonheid geen kwakkel van Le Provençal was. Als engelen bestonden, moesten ze er zo uitzien. Ze was zo mooi dat hij het moeilijk had om zich nog langer op de eucharistieviering te concentreren.

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag!

woensdag 3 juni 2015

De roos en de lavendel (15)

Wat voorafging: de Vlaming Maarten Dekeyser heeft zich teruggetrokken in het verouderde hotel van de zussen Grenier in L'Isle-sur-la-Sorgue.

De meeste gasten bleven hooguit een handvol dagen pleisteren in het hotel en trokken daarna verder naar Avignon, Arles of de Côte d’Azur. Na enige tijd werd Maarten voor de bejaarde dames een oude bekende. Er kon al eens wat meer af dan een verweesde glimlach. Als hij 's avonds in het hotel terugkeerde, draaide Ghislaine de volumeknop van het televisietoestel dat achter de balie stond naar beneden en zette haar bril op de neus om hem fatsoenlijk te kunnen begroeten. Ze maakte zelfs een praatje over het onvermijdelijk hete weer.

Op zaterdag toonde Ghislaine Grenier hem opgewonden Le Provençal die wonderbaarlijk nieuws over hemelse verschijningen in de Vaucluse op de voorpagina afdrukte. Alvast in eigen streek werd L'Isle even uit de vergetelheid weggerukt en kreeg het een aureool van belangrijkheid toebedeeld dat het voorgoed verloren leek. De hele dag lang zat Ghislaine achter de balie het artikel te herlezen en monkelend te herkauwen. Ook op die bijzondere dag werd er niets toegevoegd aan het ontbijt. Maarten werkte met langzame happen de homp stokbrood naar binnen. Gelukkig had hij wat verderop een croissanterie ontdekt, waar het immer geurde naar warm en zoet gebak.

Eén dag later troonden Ghislaine en Célia hem mee naar de barokke kerk van L'Isle-sur-la-Sorgue. Ze liepen langs de kunstenmakers en zwaaiden naar Napoleon Maillane die een straathond op drie poten leerde bedelen. Tussendoor kochten ze een halve kilo olijven, die ze uitzochten uit een twintigtal groezelige bakken, niet zonder op elke soort overvloedig commentaar te leveren. In Maartens ogen zagen ze er allemaal even onsmakelijk uit.

Maarten knikte naar iedereen die naar de bejaarde dames knikte en het leek alsof hij aan de hand van twee oude tantes over de markt van zijn geboortestad kuierde. De toegang tot de kerk bevond zich op de place de la Liberté tussen kramen vol zonnebrillen, strooien hoeden en kleurrijke provencaalse kleren. Op de trappen zaten bedelaars mistroostig voor zich uit te kijken, maar toch gooide slechts af en toe een toerist een muntstuk in hun pet. 

Le père Jacob stond alle gelovigen persoonlijk op te wachten. Hij had een gerimpeld maar glimlachend gezicht, als van een wijze oosterling op jaren. Nadat hij de zussen Grenier een hand had gegeven, was Maarten aan de beurt. Hij voelde hoe de priester hem een onzichtbaar kneepje gaf. 

Toen zag Maarten de overdadig versierde zijkapellen en de zes misdienaars die in processie naar het altaar van het Heilig Hart trokken. Op een vingerknip gingen ze gelijktijdig door de knieën. Hun kadaverdiscipline deed denken aan het vreemdelingenlegioen, dat zijn kazernes had in het naburige Orange.

Benieuwd naar het vervolg van 'De eenzaamheid van het grensgebied'? Afspraak op zondag!