Foto auteur

Foto auteur
Foto Maarten Marchau, provinciebestuur Oost-Vlaanderen

zondag 22 april 2018

Risk (111)

Wat voorafging: Robert poogt niet langer aan het verleden te denken en aan de toevallige ontmoeting destijds met Karin in het bos. Op Goede Vrijdag is hij met haar gaan eten in Nieuwpoort. Het herbronningsweekend met het reclamebureau Risk lijkt wel een verre droom als hij met Karin terugkeert naar Oostduinkerke.

Toen Robert en Karin naar huis reden, zocht hij naar een aardig muziekje op de autoradio. Dat viel tegen, op de klassieke zender speelden ze de Mattheuspassie, maar op de andere zenders was het huilen met de pet op. Het was kiezen tussen ruige muziek en dansdeuntjes. 

Hoe meer radiozenders erbij kwamen, hoe beperkter de muziekkeuze werd. Na een tijdje vond hij op een Frans radiostation een liedje van Françoise Hardy. Robert neuriede wat mee. Het was een romantisch liedje dat hij lang geleden op de kermis had gehoord, toen men daar nog Franse muziek durfde te draaien.

Al rijdende legde hij zijn hand op Karins knie. Het nylon voelde zacht aan. Ze keek hem aan en glimlachte, een tikkeltje dankbaar, zo leek het wel. Ze had grote, ronde ogen. Niet echt blauw, zeker niet van dat volle blauw, eerder een tint tussen grijs en blauw in. 

Hij streelde haar knie, terwijl hij zich probeerde te concentreren op het verkeer. Ze passeerden de kusttram die beschilderd was met reclame voor een commercieel televisiestation. Robert poogde niet aan Mike te denken, nu toch niet, op dit moment niet. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 15 april 2018

Risk (110)

Wat voorafging: toen Robert jaren geleden op een zaterdagnamiddag ging wandelen in het naburige bos, ontmoette hij bij toeval Karin en haar vriend. Het was de periode van het jaar waarin de boshyacinten weelderig bloeiden. Al vond Karins vriend de hyacinten in het Hallerbos heel wat indrukwekkender. Daar kon je, volgens hem, uren tussen de hyacinten wandelen. Overdreven, vond Karin.


‘Overdrijven? Ik? Als jij tijdens onze wandelingen niet de hele tijd liep te zeuren, had je het zelf ook gemerkt en kon je nu mijn woorden beamen in plaats van mijn geloofwaardigheid in twijfel te trekken. Een man staat of valt met zijn geloofwaardigheid.’

‘Geloofwaardigheid is voor vrouwen evenzeer belangrijk,’ probeerde Robert. Het leverde hem een dankbare glimlach van Karin op.
De man met de baard leunde met zijn arm tegen de schors van een boom. ‘Ik weet het niet,’ zei hij. ‘Ik heb mijn twijfels.’
‘Kom,’ zei Karin, ‘vertel mij eens over jouw twijfels. Waaraan twijfel je zoal?’

Ze zwaaide nog naar Robert terwijl ze met haar twijfelende man weg stapte.
Robert Impens was ook een twijfelende man, een zoekende man. Hij twijfelde over het geloof, niet over geloofwaardigheid. Over zijn geloofwaardigheid had hij weinig twijfels. 

Jammer dat geloofwaardige mensen vaak ook als saaie mensen werden gecatalogeerd. Het was kiezen in het leven en geen enkele weg liep de hele tijd door bergaf. Misschien was dat maar goed ook, als je alsmaar bleef dalen, belandde je uiteindelijk in de hel. En Orpheus en Euridice wisten hoe verdraaid moeilijk het was om de onderwereld heelhuids te verlaten eenmaal je daar was terechtgekomen. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 8 april 2018

Risk (109)

Wat voorafging: na een dagje hard werken in zijn tuin koos Robert destijds voor een wandeling in het bos. Daar ontmoette hij Karin met haar vriend. Een toevallige ontmoeting in de periode van de boshyacinten. Robert voelde zich wat ongemakkelijk bij zoveel toeval.

‘De wereld is klein,’ zei Karin. Ze lachte, dat had ze vast al vaker gezegd. Misschien had ze het zelfs die zaterdag reeds meermaals gezegd. 

Het was een dooddoener die je overal hoorde waar mensen elkaar ontmoetten, in het warenhuis, op markten, zelfs op begrafenissen.
‘Ja,’ gaf Robert Impens toe, ‘dat is waar.’ Het was niet waar, alleen bleven de meeste mensen immer hangen in hun eigen kleine wereld.

Karins vriend kwam nu toch wat dichter. ‘Mooie bloemen. Ze ruiken ook lekker. Beter nog dan parfum.’
Robert glimlachte. Veel parfums probeerden net, een beetje vruchteloos vaak, de geur van bloemen te benaderen.

‘In het bos van Halle zijn er nog veel meer,’ zei Karins vriend. ‘Velden en velden vol. Uren kan je daar tussen de bloeiende hyacinten wandelen. De geur van de bloemen blijft dagenlang in je kleren hangen.’
Nu overdrijf je toch,’ zei Karin.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 1 april 2018

Risk (108)

Wat voorafging: na hard werk in de tuin gaat Robert wandelen in het bos. Hij droomt van een verblijf in de Provence. Tot hij een verrassende ontmoeting meemaakt.

Zijn vertrek naar het zuiden zou niet voor onmiddellijk zijn, maar ooit, ja, ooit moest het lukken. Hij had niemand waar hij nog moest naar omzien en hij had best wel een centje gespaard. Hij hield van de zon, van de felle kleuren, van het levensritme op grootmoeders wijze. Je kon toch niet eeuwig en drie dagen achter je schaduw blijven aanhollen.

‘Hallo,’ zei plots een stem. Het gebeurde niet zo vaak dat Robert Impens werd aangesproken, het gebeurde nog minder dat het een vriendelijke vrouwenstem was die hem aansprak.
Hij keek op en zag recht in het gezicht van Karin. Ze droeg een spijkerbroek en een sportieve trui, een aansluitende trui, dat merkte hij meteen.

Er was ook nog een man bij haar, die enkele meters verderop stond en zijn hand opstak. Het was een stevige kerel met een baard, het soort kerel dat je kon verwachten in een bos. Een houthakker of een groene jongen, het verschil zat soms in kleine dingen.

Vrolijk Pasen!
Robert zwaaide terug, zelfs een tikkeltje vrolijk. Ze zouden niet moeten beweren dat hij niet vriendelijk was. ‘Kijk eens,’ zei hij. Hij voelde zich wat ongemakkelijk, meestal zat hij verlegen om geschikte gespreksonderwerpen als hij iemand toevallig tegen het lijf liep. 

‘Kijk eens aan, wat een toeval!’ Dat hoopte hij alvast dat het toeval betrof, al kon je dat niet met zekerheid stellen. Het toeval zat in een winnend biljet, een gelukkig nummer of een bananenschil die je nog net kon ontwijken.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 25 maart 2018

Risk (107)

Wat voorafging: na die zaterdag lang en hard in zijn tuin te hebben gewerkt, gaat Robert Impens wandelen in het bos. Hij wil de boshyacinten bewonderen. Maar in feite droomt hij van het zonnige zuiden.

Robert merkte dat er verschillende bomen in het bos gerooid waren. Elke keer opnieuw als hij in het bos ging wandelen, bleken er bomen gerooid en in houten blokken gehakt. Het stemde hem droef, het was elke weer alsof hij enkele vrienden had verloren. Stille maar betrouwbare vrienden, die hun steentje bijdroegen in de strijd tegen de opwarming van de aarde. 

Hoewel het al verschillende dagen niet had geregend, waren er toch nog enkele natte plekken in het bos waar de zon niet doordrong. Een vrouw met twee kleine kinderen passeerde hem glimlachend. Robert Impens vroeg zich altijd af waar de mannen uithingen als hij moeders met hun kinderen op pad zag.

De boshyacinten bloeiden in paarse velden. Het waren geen lavendelvelden, minder uitgestrekt en minder indrukwekkend. Maar toch waren ook de wild groeiende hyacinten meer dan de moeite waard van het bekijken. Als je goed inhaleerde, rook je hun parfum. Geen zuiders parfum, een parfum van bij hen maar toch best verfijnd.

Ooit hoopte Robert Impens naar het zuiden uit te wijken, bij voorkeur naar de Provence of de omgeving. Hij wist dat het er onderhand stikte van de Belgen, maar dat maakte hem niet uit. ’s Avonds op een terrasje onder de platanen een côte du Rhône drinken en een slaatje eten, natuurlijk een slaatje met olijven, terwijl de geur van lavendel je neusgaten prikkelde. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 18 maart 2018

Risk (106)

Wat voorafging: Robert had die zaterdag hard gewerkt in zijn tuin. Maar nu was hij toe aan een break. Waarom geen wandeling in het nabijgelegen bos?

Robert ging op het bankje zitten met een biertje. Het bier was lekker koel en gezien het warme weer was dat mooi meegenomen. Hij zou morgen naar de mis gaan, dat gaf hem nu de tijd om even naar het nabijgelegen bos te rijden en daar naar de boshyacinten te gaan kijken. Hij besloot geen douche te nemen, daar was straks nog tijd voor. 

De parking nabij het bos stond tamelijk gevuld, wat uitzonderlijk was voor een zaterdagnamiddag. Robert maakte er een sport van om na te gaan van welke garages geparkeerde wagens afkomstig waren. 

Er stonden auto’s uit de wijde omgeving en zelfs een hippe bestelwagen uit Gent. Robert Impens wist niet waarom, maar de laatste tijd waren bestelwagen opnieuw hip. Niet alle bestelwagens, niet de bestelwagens waarmee je een inboedel kon verhuizen, maar wel van die kleintjes waarin je een koffer en een paar sporttassen kwijt kon. 

Een beetje sportbeoefenaar had nood aan aangepaste kledij, een duur tennisracket of een sportfiets en tegenwoordig dus ook een hip wagentje waarin je wat kon laden. Je moest gemotiveerd zijn om de sportieve toer op te gaan, je moest al werkelijk geloven dat het je gezondheid ten goede kwam. Dat was ook zo natuurlijk, als je ten minste na het half uurtje squash geen halve dag in de cafetaria bleef hangen. De bekoring was groot, wie sportte er puur voor het plezier? Om te winnen, ja, maar dan moest je vaak al je toevlucht zoeken tot andere middelen. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 11 maart 2018

Risk (105)

Wat voorafging: Robert Impens had groene vingers. Hij werkte vaak in zijn tuin. Het was soms erg lastig werk. 

Maar dat vond Robert niet erg, hij vond het aangenaam om eens met zijn handen te werken. En hoewel de tuin niet groot was, viel er toch veel werk te doen. Behalve de haag was er ook nog een bloemenperkje met een rozelaar, tulpen, narcissen, dahlia’s en een jasmijnenstruik. Die laatste had Robert Impens kort na hun huwelijk aangeplant, omdat hij zo verslingerd was op de geur van de paarse bloemen. Het was een kleine struik geweest, een niemendal in feite en nu was het een imposante heester geworden, die Robert graag liet zien aan vrienden en kennissen.

Verder was er een vijvertje. Ook dat was niet bijster groot en enigszins verwilderd, maar dat zorgde ervoor dat er zich een natuurlijk biotoop had ontwikkeld waar menig groene jongen jaloers zou op geweest zijn. Er groeiden gele lis en riet en piktus en dotterbloemen. 

Wie zoals Robert de moeite nam om stilletjes het wateroppervlak gade te slaan, ontwaarde allerlei kevers en larven. In de lente zag hij nu reeds enkele jaren kikkervisjes. Soms ontdekte hij een volwassen kikker verborgen in het gras of zag hij een libel overvliegen.

Toen Robert Impens die zaterdag gedurende twee uren takken had afgezaagd en naar een hoek van zijn tuin had gesleurd, besloot hij even te rusten. Hij had nog veel werk voor de boeg en misschien dat een buitenstaander het niet eens zou opmerken wat hij reeds allemaal had verricht, maar dat kon hem nu even niet deren. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!