Foto auteur

Foto auteur
Foto Maarten Marchau, provinciebestuur Oost-Vlaanderen

zondag 15 maart 2020

Onraad in het Kriebelbos (34)

Wat voorafging: hoe zat het nu eigenlijk met die Afrikaanse bosgeesten? Wanjala, de kinderoppas, vertelt erover aan Femke en Fientje.

‘De bosgeesten waren groter dan gewone kabouters. Een verre grootoom van mij stond ooit op jacht oog in oog met een zware buffel. Hij had alleen een speer bij zich, hij gooide die naar het dier, maar de speer ketste af op diens dikke huid. De buffel stormde woest op mijn grootoom af om hem met zijn horens af te maken. De buffel raakte hem, mijn oom verloor wat bloed en viel in zwijm. 

Het was gewoon een kwestie van tijd voor de buffel de genadestoot zou toebrengen. Maar toen mijn grootoom wat later opnieuw bij bewustzijn kwam, lag de buffel te snurken alsof hij aan een winterslaap was begonnen.’

‘Wat was er gebeurd?’ vroeg Fientje, terwijl ze de zak chips nog eens liet rondgaan.
‘Mijn grootoom bond zijn wonde af en kroop moeizaam overeind. Hij liep omheen het dier en zag tamelijk kleine voetstappen. Verder was er nergens iets of iemand te bekennen. Een goede bosgeest was hem te hulp gekomen en had het dier in een diepe slaap gebracht.’ 
Fientje floot bewonderend.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 8 maart 2020

Onraad in het Kriebelbos (33)

Wat voorafging: Femke en Fientje vernemen graag wat meer over de bosgeesten waarmee Wanjala destijds in Afrika geconfronteerd werd. Vertelt hun oppas meer?

‘Ja, over de bosgeesten,’ drong ook Fientje aan, terwijl ze zich aan de andere kant van de bank nestelde. Ze nam de zak chips en bracht een handvol knapperige chips naar haar mond. ‘Mmm, chips met zeezout!’

Wanjala ging tussen hen in zitten. ‘Chips zijn ongezond, meisjes.’
‘Dat zeggen volwassenen nu altijd,’ zei Femke. Ze graaide op haar beurt in de zak. ‘Vertel nu eens eindelijk over die bosgeesten.’

‘Vooruit dan maar,’ zuchtte Wanjala. Ze kuchte even en nipte van haar citroenlimonade. ‘Bij ons in Afrika geloven veel mensen dat er diep in de bossen geesten wonen. De meeste geesten zijn lief en vrolijk. Ze stammen af van wezens die vroeger de mensen kwamen helpen.’
‘Een soort kaboutertjes?’ vroeg Fientje hoopvol.
Femke fronste haar wenkbrauwen. ‘Kaboutertjes,’ herhaalde ze niet zonder irritatie.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 1 maart 2020

Onraad in het Kriebelbos (32)

Wat voorafging: de zusjes Femke en Fientje jagen Wanjala, de nieuwe oppas, de stuipen op het lijf. Verkleed als monsters zijn ze dichterbij geslopen. Of zijn het toch bosgeesten?

Toen trokken Femke en Fientje hun maskers af. ‘Wat vind je van onze verkleedkleren voor Halloween?’ vroeg Femke trots.
‘Hemeltje,’ zei Wanjala.

‘O jee,’ zei Fientje terwijl ze de brokstukken inspecteerde.
‘Die ruim ik straks wel op,’ nam Wanjala zich voor. ‘Wat was ik geschrokken! Ik dacht echt dat jullie bosgeesten waren.’

e liep terug naar het salon om het televisietoestel uit te schakelen. ‘Ik kan die film nu toch niet meer volgen.’ Ze staarde Femke en Fientje aan met een licht vermanende blik. ‘Moeten deze monsters niet zo spoedig mogelijk terug naar bed?’
Maar Femke liep meteen door naar de bank, installeerde zich op een kussen en trok de poes op haar schoot. Die begon bijna ogenblikkelijk gelukzalig te spinnen. ‘Vertel eens wat meer over die bosgeesten,’ zei ze.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 23 februari 2020

Onraad in het Kriebelbos (31)

Wat voorafging: Wanjala kijkt naar een erg spannende film op televisie. De twee meisjes die ze moet oppassen, liggen intussen al in bed. Maar welk vreemd geluid vangt Wanjala daar plotseling op? Is er iemand met kwade bedoelingen in huis? 

Voorzichtig stond Wanjala op uit de schommelstoel. Ze zocht naar een voorwerp dat ze als wapen kon gebruiken tegen de indringer. Een bloempot, die kon beslist dienen. Op de koop toe groeide er een stekelige cactus in de pot. Desnoods gooide ze die in het gezicht van haar aanrander. 

Behoedzaam stapte ze, nee, sloop ze in de richting van de keuken. Wanjala was vast van plan haar huid duur te verkopen.

Toen ze zich bijna ter hoogte van de keukendeur bevond, zwaaide die eensklaps open. Daar stonden twee monstertjes die hun armen naar voor staken, met hun handen klauwden en ‘boe’ riepen. 

Wanjala deinsde achteruit, tegelijk duwde ze de pot met de cactus voor zich uit als wou ze zo verhinderen dat de monsters haar zouden aanvallen. Opnieuw riepen die ‘boe’ maar harder en ijzingwekkender deze keer. Wanjala gilde en liet de bloempot op de grond vallen. Tientallen brokstukken kletterden over de vloertegels. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 16 februari 2020

Onraad in het Kriebelbos (30)

Wat voorafging: terwijl Femke en Fientje verondersteld worden te slapen, kijkt Wanjala, de kinderoppas, naar een bloedstollende film op televisie. Maar is dat wel zo'n puik idee?

Wanjala zat in de schommelstoel voor de televisie. Er brandde alleen een schemerlampje in de kamer dat de vitrinekast een haast spookachtige glans gaf. 

De film op televisie was werkelijk angstaanjagend. Er waarde een moordenaar rond in de stad die reeds drie alleenstaande vrouwen koelbloedig had vermoord. Hij verkleedde zich elke keer in een afzichtelijk monster zodat zijn slachtoffers al in zwijm vielen bij zijn aanblik. 

Wanjala knabbelde nerveus aan een aardappelschijfje. Het waren chips met paprika, maar in feite hield ze meer van chips met zeezout.

Hoorde ze daar geen gestommel in de gang? Nee, het was haar verbeelding. Nu had ze het duidelijk gehoord, de deur van de gang naar de keuken ging piepend open. Was het de poes? 

Wanjala keek ongerust rond. In het schijnsel van de schemerlamp zag ze de poes rustig liggen spinnen op een kussen dat op de bank lag. Dus was er een inbreker in huis. Stel je voor dat het zo’n gewetenloze moordenaar was zoals op televisie. Hoe zouden ze haar straks vinden als papa en mama terugkeerden van hun vergadering? 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 9 februari 2020

Onraad in het Kriebelbos (29)

Wat voorafging: Femke en Fientje zijn alleen thuis met Wanjala, de nieuwe kinderoppas. Ze liggen beiden al in bed, maar zou het geen schitterend idee zijn om de oppas eens de stuipen op het lijf te jagen?

‘Fientje,’ fluisterde Femke, ‘slaap jij al?’ Femke lag bovenaan in het grenen stapelbed. Ze was omgeven door haar lievelingsknuffels: Snuf, een te gek wit konijn, en Christoffel, een lappenpop. 

Omdat Fientje niet onmiddellijk antwoordde, klom Femke langs het laddertje naar beneden. Ze knielde voor Fientjes bed.

‘Fientje,’ herhaalde ze, ‘slaap je?’
‘Nu niet meer,’ geeuwde Fientje.

‘Ik heb een geweldig idee,’ zei Femke. Ze kon haar geestdrift niet onderdrukken en begon zo hard aan haar zus te schudden dat Piep, een schattig kuiken, uit bed rolde.

‘Hoe geweldig?’
‘Echt geweldig,’ bevestigde Femke met klem. Ze had nu reeds binnenpretjes. Ze trok haar zus zowat uit bed en troonde haar mee naar de kleerkast. Wanjala zou zich rot schrikken. Nu zou ze pas goed begrijpen wat ‘bloedstollend’ betekende.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 2 februari 2020

Onraad in het Kriebelbos (28)

Wat voorafging: de ouders van Femke en Fientje zijn naar een vergadering. Wanjala, de nieuwe kinderoppas, gaat samen met Fientje tekenen. Maar wat gaat Femke doen? En hoe gaat Wanjala de rest van de avond doorkomen?

‘Ik lees wel een boek,’ zei Femke.
‘Maar wel om half negen naar bed,’ benadrukte Wanjala. ‘Zo heeft jullie mama het gezegd. En daarna kijk ik naar een bloedstollende thriller op televisie.’

‘Bloedstollend?’ herhaalde Fientje. Ze vroeg zich af of er dan bloed uit het televisietoestel sijpelde.
‘Natuurlijk niet.’ Femke maakte een afwerend gebaar. Haar zus kon soms nog als een kleuter uit de hoek komen. Bloed dat uit de televisie liep. Waar haalde ze het vandaan? ‘Dat betekent gewoon dat het een heel spannende film is.’

Maar Wanjala vond Fientjes vraag nog zo gek niet. ‘Bij ons in Kenia heb ik ooit een boom gezien die…’
‘… bloedde,’ probeerde Fientje.
Wanjala schudde het hoofd. ‘Nee, die weende. Grote, dikke tranen omdat er een kwade geest bezit had genomen van die boom.’

‘Geweldig,’ zei Fientje. Maar Femke geloofde niet meer in kwade geesten en in goeie geesten alleen als ze onverwacht zakgeld kreeg van papa of mama.
‘Vast wel,’ zei ze en ze installeerde zich knus op de bank met een grappig boek.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!