Foto auteur

Foto auteur
Foto Maarten Marchau, provinciebestuur Oost-Vlaanderen

woensdag 7 maart 2018

Bloedneus

Een bloedneus is knap vervelend. Wie zal dat tegenspreken? Maar een bloedneus terwijl je in je duurste pak naar iemands beste wensen staat te luisteren, is dubbel erg.

Het overkwam mij tijdens de nieuwjaarstoespraken van mijn werkgever. Plots voelde ik hoe er bloeddruppels uit mijn neus sijpelden. Ik drukte enigszins wanhopig met een papieren zakdoekje het weerbarstige neusgat dicht. Intussen vroeg ik mij af of dit een voorteken was voor het nieuwe jaar. Maar met de beste wil van de wereld kon ik er geen gunstig voorteken in zien.

Na de toespraken haastte ik mij de feestzaal uit. Ik wist dat er toiletten waren in de buurt van het onthaal. Daar aangekomen liep ik zowaar een militair tegen het lijf die er net een pakje was komen afgeven.

‘Een bloedneus?’ merkte hij scherpzinnig op. Het was een man die in geen enkel opzicht voldeed aan de clichés over militairen. Een schriel kereltje was het, die je eerder de boodschappentassen zag dragen voor een bazige vrouw dan andersom.

‘Heb ik ook soms last van,’ bekende hij. ‘Van een bloedneus, bedoel ik. Het is begonnen na een missie in Afghanistan. Stond ik daar plots in het schemerduister oog in oog met drie leden van de Taliban. Het heeft mij nog aardig wat moeite gekost om die mannen uit te schakelen. En van dichtbij kreeg ik een nijdige mep op mijn neus. Ik bloedde als een rund. Maar ach, op zo’n momenten let je daar niet op.’ Hij staarde mij aan met een stoere blik. ‘En bij jou? Hoe is het bij jou eigenlijk begonnen?’

Ik haalde de schouders op. Het leek mij ineens niet meer zo belangrijk. ‘Lang geleden, met een voetbalwedstrijd,’ vertelde ik dan toch maar. ‘Van dichtbij een lederen bal op mijn neus.’

‘O,’ zei de militair. Ik vond het jammer dat hij zelfs geen poging deed om zijn ontgoocheling te verbergen. Hij aarzelde even. ‘En hebben jullie die wedstrijd nog gewonnen?’ vroeg hij.

Nee, dacht ik, toen ik later stond aan te schuiven voor een portie pasta. Nee, we hebben die wedstrijd ook nog eens kansloos verloren. Maar zoveel eerlijkheid had ik hem niet gegund op de eerste werkdag van het nieuwe jaar. Ik wou toch nog wat illusies behouden in 2018.


PS: mijn column met de titel 'Bloedneus' verscheen eerder op de volgende Nederlandse website:
https://www.schrijverspunt.nl/columns/10164-bloedneus

zondag 4 maart 2018

Risk (104)

Wat voorafging: Robert werkt graag in zijn groentetuin en ondervindt enig geluk als hij de producten uit zijn tuin kan bereiden. Maar zijn tuin is afgezoomd door een lastige haag.

Het geluk was er destijds eveneens geweest als hij de Belga Queen-campagne had uitgewerkt, maar die bron van geluk was gaandeweg uitgedroogd zoals riviertjes komen droog te liggen door een onoordeelkundig ingrijpen van de mens. 

Nu was zijn werk eerder als een rechtgetrokken kanaal, de avontuurlijke bochten en meanders waren verdwenen. Soms merkte je nog een achtergebleven plas, een ondergelopen weide als een souvenir van de voldoening die er ooit was geweest. Herinneringen aan een verdwenen geluk waren even dodelijk als foto’s van een stuk gelopen huwelijk. 

Er stond een haag in de tuin, om hun terrein af te bakenen van het domein van de buren. Burenruzies begonnen doorgaans door niet goed afgebakende terreinen. Het territorialiteitsbeginsel was heel belangrijk. Een boom die te dicht bij de scheidingslaan stond of waarvan de takken overhingen, zorgde beslist voor heisa. Een afsluiting die te hoog was of afvalwater dat over andermans grond liep, idem dito. 

Hun haag bestond uit haagbeuk, maar ook uit mei- en sleedoorn. Het maakte dat Robert altijd handschoenen moest aantrekken om te beletten dat zijn handen helemaal open lagen. Misschien moest Robert maar eens aangepast materiaal aanschaffen want de haag was de laatste jaren erg verwilderd, waardoor het met een gewone snoeischaar en een handzaagje niet evident was om doorheen de dikste takken te komen. Af en toe vielen er houtschilfers naar beneden die aan zijn armen of zijn gezicht bleven kleven. Zelfs zijn bril zat gaandeweg onder de schilfers. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 25 februari 2018

Risk (103)

Wat voorafging: na een bezoek aan een meubelzaak waren Yvonne en Robert meestal laat terug thuis. Geen nood! Met plezier bereidde Robert een gezond slaatje. Met dank aan zijn groentetuin.

Een slaatje ging handig en snel bij Robert, maar het was allesbehalve haastwerk. Verschillende soorten groenten, naargelang het seizoen afgewerkt met aardbeien, druifjes of zijn persoonlijke favoriet, een reepje meloen. 

Hij bereidde verder slaatjes met kaas, walnoten en appeltjes, maar ook met tonijn en olijven, met gerookte zalm, brokjes forel en een sneetje heilbot of vanzelfsprekend met garnalen en tomaatjes en een cocktailsausje, dat hij de avond voordien reeds klaar zette.

Het was telkens opnieuw een feest voor het oog mocht hij niet zonder fierheid zeggen, want hij besteedde bijzondere aandacht aan het kleurenpalet. Het stemde hem vreugdevol, het gaf hem een genoegdoening, ja, een oprechte genoegdoening, ook al liet Yvonne zelden iets van appreciatie blijken. Voor haar bleven slaatjes een snel-klaar-gerecht bij een gebrek aan een volwaardige warme maaltijd.

Hij dronk er bij voorkeur een glaasje wijn bij en proefde dan iets van het geluk dat andere mensen in discotheken of toonzalen vonden. Het geluk loopt zoet naar binnen, het ongeluk valt zelfs met peper en zout niet te vreten. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 18 februari 2018

Risk (102)

Wat voorafging: Yvonne, de ex van Robert Impens, droomde ervan om hun woning her in te richten. Vaak bezochten ze destijds samen meubelzaken. Al was het enthousiasme van Robert minder groot.

Yvonne ploos vrouwenblaadjes uit en tekende zelf plannetjes. Niet alle plannetjes waren even realistisch, maar het bezorgde haar een bezigheid, een creatieve bezigheid. 

Ze gingen tuinhuisjes schouwen en serres, maar ook vloertegels, keukens, douchecellen en badkamers. Het was meestal druk in die toonzalen. Verkoopsters zaten glimlachend achter een balie, klaar om je een brochure of catalogus toe te stoppen. Technici gaven uitleg waarvan niemand iets begreep maar die de klant overtuigend deden knikken.

Het waren steeds koppels die in de showrooms rondstruinden, soms met kinderen voor wie een speciaal hoekje was ontworpen met een speelhuisje, wat puzzels of stripverhalen. 

Voor de meeste koppels begon het geluk op een dansvloer, omgeven door verschroeiend harde dansmuziek, om te eindigen in een toonzaal, met een zacht melodietje op de achtergrond. In de betere zaken hoorde je al eens een streepje Mozart of Beethoven, al zorgden die doorgaans wel voor een prijsverhogend effect.

Als ze dan ’s middags thuiskwamen, was het meestal reeds te laat om een volwaardige maaltijd te koken. Dan bereidde Robert een slaatje. 

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

woensdag 14 februari 2018

Flitsverhaal: Retourtje Afrika

Die avond trek ik mijn sandalen uit op het terras en loop op blote voeten het hete duinenzand in. Het is een tropisch warme avond. Ik kijk achterom naar het muggengaas waarachter onze zoon ligt te dromen van kindsoldaten met machetes, van rivieren vol lijken en gorilla’s in de mist.

Jouw vliegtuig doorklieft de lucht, voor altijd weg uit ons paradijs. Opnieuw krijg ik dat wee gevoel in mijn onderbuik. Als een kind dat de maan probeert te vangen, steek ik mijn armen omhoog en ren hulpeloos het vliegtuig achterna, tot ik neerval in het zand.

Op het strand verderop zingt iemand een lied over blank en zwart en ik wou dat ik die woorden niet hoefde te horen. Uit een raam van een flatgebouw wappert een lijkwit laken. Er zijn die dag nieuwe heikranen, hoger dan wachttorens, opgedoken in de duinen. Vluchten kan niet langer. Dat had jij al sneller begrepen.

De laatste wolken worden weggeblazen en nog meer sterren verschijnen aan het firmament. Honderden, misschien wel duizenden zonnen, lichtjaren ver. En het is zo’n onvatbare gedachte dat ik naar een hemel vol verleden staar, terwijl ik in het heden verder moet.

Beweerde jij niet dat de Afrikaanse sterrenhemels onvergelijkbaar waren?

PS: mijn flitsverhaal met de titel 'Retourtje Afrika' verscheen eerder op de volgende Nederlandse website:
https://www.schrijverspunt.nl/flitsverhalen/10205-retourtje-afrika



zondag 11 februari 2018

Risk (101)

Wat voorafging: Robert Impens heeft altijd graag in zijn tuin gewerkt. Hij kweekte biologische groenten, die hij bij voorkeur in slaatjes verwerkte.

Robert had altijd vaak slaatjes gegeten, bij voorkeur als het lekker weer was. Vooral omdat hij ervan overtuigd was dat verse groenten kanker en andere welvaartsziektes hielpen voorkomen. 

Onlangs had hij in de krant een artikel gelezen dat onze groenten veel van hun vitamines hadden verloren door de manier van bemesten. Maar Robert Impens bemestte niet. Insecten of slakken probeerde hij op natuurlijke wijze te verdrijven. 

De groenten van Robert Impens waren biologischer dan diegene die je kocht in biozaken. Kwekers van biogroenten stonden bloot aan vele verlokkingen. Hoe vaak hoorde je niet vertellen dat de afgevallen gespoten appelen als biologisch werden verkocht? Op voorwaarde vanzelfsprekend dat ze voldoende gehavend waren. 

Maar daar deed Robert niet aan mee. Biologisch was biologisch; je ‘ja’ moest ‘ja’ zijn, je ‘nee’ moest ‘nee’ zijn. Zo stond het in de bijbel, zo beginselvast was Robert Impens. 

Vroeger trokken Yvonne en hij geregeld ‘s weekend naar een toonzaal. Yvonne droomde ervan om het hele huis te verbouwen, ze bracht er dan ook veel meer tijd in door dan Robert die doorgaans op zijn werk toefde.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!

zondag 4 februari 2018

Risk (100!)

Wat voorafging: Robert Impens vertoeft met Karin aan de kust. Hij denkt met weemoed terug aan de uren die hij in het verleden in zijn groentetuin doorbracht. Hij heeft immers groene vingers.

Robert Impens hield ervan om in de tuin te werken. Het was geen grote tuin, maar een tuin was als een minnares en vroeg altijd aandacht en kleine attenties. Er waren mannen die hun vrouw bedrogen met een collega, met iemand van de hobbyclub, met een andere man soms, ook dat gebeurde. 

Maar Robert had Yvonne nooit bedrogen, tenzij dan met hun tuin. Soms had hij geweigerd om haar te vergezellen bij het shoppen omdat er dringend moest gespit of gemaaid worden of omdat er onkruid moest gewied worden. Hij had groene vingers en hij vond het leuk om in open lucht te zijn.

In zijn tuin was nauwelijks een vrije plek om wat groenten te kweken. Robert had een bedje veldsla, tijm, radijsjes, een paar struikjes trostomaatjes en bieslook. Yvonne hield niet van bieslook. Ze vreesde dat haar adem er ging van ruiken of erger nog, dat de kat van de buren haar gevoeg had gedaan in de aarde waarin de groene stengels groeiden. 

Zelf knipte Robert bij tijd en stond een stengel bieslook af die hij naar zijn neus bracht, waarna hij de geur in zich poogde op te nemen. Hij verwerkte de bieslook in de soep of in een slaatje.

Benieuwd naar het vervolg? Afspraak op zondag!